zondag 14 juni 2020
 

Geschreven door Stephanie van Gerven.

 

Interview: Protest the Hero’s Rody Walker

Lange tijd moesten de fans van Protest the Hero wachten op een nieuw album. Op 19 juni verschijnt de nieuwe plaat: “Palimpsest“. Wij spraken met frontman Rody Walker over het album, het artwork, fietsen in Nederland en… dinosaurussen.

Hoe gaat het met jullie?

De wereld is in een bijzondere tijd momenteel. Alles bij elkaar, mogen we erg gelukkig zijn en we maken het goed.

Om gelijk met de deur in huis te vallen: welk nummer is een goede introductie voor Protest the Hero als je er nog niet bekend mee bent?

Ik weet niet of het de beste introductie is, omdat ik niet weet of het de rest van onze catalogus representeert, maar ik denk het nummer wat het meest tastbare is voor een luisteraar die nog niet bekend is met ons bijzondere merk aan onzin, is ‘Mist’. Dat zorgt wellicht voor meer interesse. Echter als ze al thuis zijn in de heavy metal, punk rock en progressive metal en dat soort dingen, dan misschien juist ons nummer ‘Skies’.

Jullie brengen op 19 juni het nieuwe album “Palimpsest” uit, dit is waarschijnlijk niet de meeste geschikte tijd ervoor.

-lacht- Het is zeker niet makkelijk om momenteel een album te promoten wanneer er burgerlijke onrust in de wereld gaande is. Maar het maakt tegelijkertijd ook niet uit. Wij vinden het niet erg om een stapje terug te nemen van de voorgrond. De burgerrechtenbeweging die momenteel plaatsvindt over de hele wereld, is belangrijker dan wat wij doen. We gaan het album uitbrengen, wat er ook gebeurd, maar we willen zeker niets wegnemen van de Black Lives Matter-beweging.

Als je dit nieuwe album moet beschrijven aan de hand van twee dieren. Voor welke kies je dan?

Dat is een interessante vraag! Mogen ze prehistorisch zijn? Ik zou zeggen dat het een parasaurolophus is, dat is die dinosaurus met zo’n bot uit zijn schedel. Omdat het rijk en koppig is. En een prosaurolophus. -lacht- Sorry dat ik allemaal moeilijke dinosaurussen namen in het gesprek voeg. Weet je een prosaurolophus werkt wel. Want het is een dinosaurus waar iedereen bekend mee is, maar de naam niet van kent en als dat wel is, is het altijd nog moeilijk om het uit te spreken. Dat reflecteert niet alleen de naam van het album, maar ook de muziek en de ideeën. Mijn zoon is echt super veel bezig met dinosaurussen.

Ik vroeg me al af hoe je ze zo snel kon opnoemen.

-lacht- Ja, dat betekent dus dat ik ook veel met dinosaurussen bezig ben. Toen jij ‘dieren’ zei, was het gelijk van ‘dinosaurussen zijn dieren voor mij’.

We zijn dat verschrikkelijke biertje dat je eerst niet lekker vond, maar waar je nu naar verlangt.

Jullie hebben al enkele nummers uitgebracht, waaronder “From the Skies” en “The Canary“. Hoe zijn de reacties tot nu toe geweest?

Erg goed. Zoals bij elke release van een band, ik denk dat die eerste reacties niet eens zoveel uitmaken, zowel positief als negatief. Natuurlijk is het goed om positieve vibes rondom je band te hebben, zodat dit keer meer mensen het horen dan de voorgangers. Maar het reflecteert niet de uiteindelijke conclusie of wat het gaat worden. Er zijn mensen die tot onze release van het tweede album hebben gezegd: dit is troep. -lacht- dit is slecht, ik haat het. En dan tien jaar later zeggen ze ‘dit is zeker weten je beste album’. Dus in dat opzicht denk ik dat eerste indrukken heel weinig zeggen. Die romantische-komedie-bedoelingen dat een eerste indruk alles zegt, dat is het zeker niet. En zeker niet als het om kunst gaat, daar ga je anders tegenaan kijken ofzo. We zijn dat verschrikkelijke biertje dat je eerst niet lekker vond, maar waar je nu naar verlangt. Het ding aan onze band is dat mensen ons of helemaal te gek vinden of er echt een hekel aan hebben. Er is geen tussenweg, er is geen grijs gebied. En ik denk dat dat een goed ding is, want met kunst moet je mensen kunnen inspireren. Je zal nooit iemand inspireren als het ‘oké’ is.

Dat is zeker waar! Wat kunnen fans dan verwachten van deze plaat?

Ik denk niet dat het een gekke afwijking is van iets wat we al eerder hebben gedaan, maar het is ook niet vergelijkbaar. Ik denk dat er specifieke verschillen zijn te horen voor mensen die naar ons eerdere werk hebben geluisterd. Maar vooral het schrijfproces voor dit album was anders dan die hier voor. Onze drummer, Michael [Ieradi], nam het voortouw in het instrumentale gedeelte. Terwijl eerder onze vriend en producer Cameron McLellan zich daar mee bemoeide. En zo’n kleine verandering is eigenlijk direct een hele grote verandering voor de muziek.

Logisch ook, want je gaat die persoon zijn stijl terug horen. En hoe zat het met inspiratie, waar haalden jullie die vandaan voor deze plaat?

De plaat is een conceptalbum van nature. Het reflecteert op een specifieke periode in de Amerikaanse geschiedenis en betekenisvolle gebeurtenissen die in die tijdsperiode plaatsvonden en reflecteert dit met de huidige tijd. En probeert dat weer te reflecteren met hoe dingen zijn veranderd en hoe dingen hetzelfde zijn gebleven.

Hoe ging het schrijfproces van de teksten er dan aan toe?

Het schrijven ging makkelijker, ondanks dat ik veel moest uitzoeken. De nummers gaan niet perse over hóe ik mij voel, maar ze moesten ook historisch kloppen. Dus er moest veel onderzoek gedaan worden om deze nummers te schrijven. Het is moeilijk om te zeggen of dit beter is.

Het is natuurlijk een hele andere manier van schrijven omdat je ook moet fact checken.

Absoluut! En er zijn van die vreemde momenten door het album heen. Zo is er een Teddy Roosevelt quote in een van de nummers en ik heb dat echt erin gestampt. Ik moest het passend maken met het nummer, dus moest het soort van aanpassen. Mijn vrouw is een copywriter en edit ook de lyrics voor het album en zij ging er naar kijken en zei echt van ‘Dit kun je niet maken, dat is niet hoe het werkt.’ -lacht- Dus ik moest de daadwerkelijke quote toevoegen aan de lyrics en een uitleg geven van wat ik had gedaan. Er waren zeker uitdagingen die ik tegen kwam, ik bedoel ik ben geen historicus.

En zo’n kleine verandering is eigenlijk direct een hele grote verandering voor de muziek.

Voor dit album hebben jullie ook een erg specifieke cover gekozen, gemaakt door kunstenaar Martin Wittfooth. Hoe reflecteert de cover met het muzikale gedeelte.

Hij is een zeer talentvolle artiest. We kwamen zijn werk tegen en we houden van de manier waarop hij dieren tekent. We zijn sowieso echt een fan van dieren in deze band. We wilden iets kleurrijks en levendig, maar ook boos en vol met dieren dat verschillende dingen representeert. Ik schreef nummer voor nummer uit waar elke track over ging en hij nam dit allemaal door en vond iets in elk nummer dat gerepresenteerd wordt in dat artwork. Hij heeft het geschilderd, het is echt een enorm schilderij. Ik wou dat ik je de exacte maten kon vertellen, maar het is iets van anderhalve meter bij twee meter nog iets.

Dat maakt het ook weer extra speciaal. Is er ook een track die extra speciaal of persoonlijk is voor jou?

Elk nummer zit voor een stukje in mijn hart, ik ben er dol op. Maar als er een moment moet zijn dat mij echt aanspreekt van het album, dan is het het laatste couplet van ‘From the Sky’ met de stijgende hoge noten. Omdat ik te maken heb gehad met een verandering in mijn stem en ik was er niet zeker van of ik zoiets nog zou kunnen. Ik ben erg trots op dat moment.

Dat is een lastige en moeilijke situatie. Ben je nu niet bang om dat nummer live te moeten zingen? Of vertrouw je je stem weer volledig?

Ik zal nooit meer mijn stem volledig vertrouwen omdat het te maken heeft met leeftijd. Dit is iets wat gebeurde toen ik ouder werd. Ik had misschien beter voor mijn stem moeten zorgen. Ik heb jaren gerookt, ik hou er van om een drankje te doen, misschien als ik dat niet zoveel had gedaan, had ik het kunnen voorkomen. Maar ik denk eigenlijk van niet. Ik ben ook wel zelfverzekerd om de nummers live spelen. Ik heb in het verleden altijd een manier gevonden waardoor het lukte. Er zijn namelijk nog wel uitdagendere nummers waarbij het me ook is gelukt. Dus ik twijfel er niet aan dat het nu ook wel kan.

Dat klinkt positief, want er zullen veel fans zijn die ook dit nummer live willen horen natuurlijk. Over shows gesproken, zijn er al plannen om naar Nederland te komen?

We maken momenteel helemaal geen plannen voor welke tour dan ook. Simpelweg omdat we niet weten hoe de wereld er morgen uit zal zien. Het is heel moeilijk om te zeggen wanneer het spelen van shows weer mogelijk is. Ik wil niemand hoop geven, om ze vervolgens teleur te stellen. Maar we zullen Nederland zeker meenemen in onze tourplannen als het zover is.

Om te zien dat steden in Nederland op deze manier functioneren is echt fantastisch.

Dat is fijn om te horen.

Weet je, we hebben trouwens het vaakst in Utrecht gespeeld. Echt misschien maar een keer in Amsterdam. Iedereen fietst daar lekker. Dat is echt een mooi ding, dat je zoveel fietsen ziet. Want verkeer is niet alleen slecht voor het milieu maar brengt ook altijd veel lawaai met zich mee. Om te zien dat steden in Nederland op deze manier functioneren is echt fantastisch.

Heb je wel eens gefietst in Nederland?

Dat heb ik niet gedaan. De laatste keer dat we er waren, zijn wel een aantal van ons fietsen gaan huren en door de stad gaan fietsen, maar ik niet. Meestal op tour heb ik een te grote kater om iets te doen. Nu ik ouder wordt, vind ik het wel belangrijker om dingen te zien en doen. Veel vrienden van me gaan op reis naar plekken waar ik al vaak ben geweest en vragen dan ‘heb je dit gedaan of gezien?’ en elke keer ben ik echt zo van ‘nah, ik heb een concertzaaltje gezien en een bar waar ik vervolgens de rest van de avond doorbreng.’ Als het touren weer kan, ga ik het zeker meer waarderen.

Naast de hoeveelheid fietsen, zijn er nog meer verschillen in het touren door Europa en Amerika/Canada?

Hmm, ik weet het niet. We hadden in ieder geval meer stroopwafels. -lacht- Nee, maar ik weet het niet. Het is lastig. Vaak eindigen onze tours ook in Nederland, dus Nederland krijgt ook niet echt een eerlijke kans daarin van ons. Omdat iedereen dan echt naar thuis verlangt. Die laatste paar dagen ben je nergens meer echt enthousiast over, alleen over naar huis gaan. Er zijn wel echt verschillen. De complete ervaringen van zalen in Europa zijn veel beter dan in Noord-Amerika. In Europa is er meer echt een catering als je aankomt, met schalen groente, vlees, brood en kaas. Dus het is echt van: ‘je kan eten’. En vaak als je die avond niet hoeft te reizen is er overnachting geregeld, heel veel bier, er wordt echt gezorgd voor de artiest door de zaal. Terwijl in Amerika, tenzij je echt de top van de top bent, is het meer van ‘hier heb je krat bier, een tray met water.’ Je zit meestal ook een beetje in een enge, donkere kamer. In de basis is het dus zo van ‘go fuck yourself’. Er zijn vaak geeneens douches en als je per bus tourt dan heb je dus helemaal geen douche. Dan hoop je echt dat je minimaal een keer in de week terecht kan in een hotelkamer om te douchen. Ik bedoel, we zijn volwassenen, we moeten vaker dan een keer per week douchen. -lacht- Wat dat betreft is Europa echt beter. Al zijn de tourbussen in Amerika wel weer echt beter.

Het nieuwe album van Protest the Hero, “Palimpsest“, is vanaf 19 juni te beluisteren via de bekende streamingsdiensten. Het album fysiek aanschaffen kan via de website van Protest the Hero.

Deel dit bericht met je vrienden op WhatsApp:

Laat een reactie achter:


Spotify playlist